Plantenkennis boomkwekerij - niveau 2

1. Opdracht: Nederlandse namen

Als je op een kwekerij werkt is het belangrijk dat je de planten waarmee je werkt bij de juiste naam kunt noemen. Het leren onderscheiden van de verschillende planten is een uitdaging, maar het kan lastig zijn. Daarnaast zul je merken dat een plant soms meerdere namen kan hebben. Vaak zijn deze namen streekgebonden. Zo heet de rode bosbes op de Veluwe vossenbes, maar in andere streken krakelbes, bospalm of kreuzen. In Duitsland heet de rode bosbes preiselbeeren en in het Engels lingonberries.

 

Zoek de Nederlandse namen op van de volgende soorten:
 
  • Juniperus communis
  • Mahonia aquifolium
  • Pinus sylvestris
  • Buddleja davidii
  • Betula pendula
  • Symphoricarpos albus
  • Quercus robur
  • Salix caprea
  • Hedera helix
  • Malva moschata

 

Let op! In de bovenstaande lijst staan coniferen/naaldbomen, sierbomen en -heesters, klimplanten en vaste planten.

 

Websites waar je op kan kijken zijn:

Als het goed is heb je gezien dat sommige planten wel 4 of 5 Nederlandse namen kunnen hebben. Ga nu zelf na welke voordelen het gebruiken van de wetenschappelijke naam kan hebben.

2. Opdracht: Betekenis van wetenschappelijke namen

Om aan de verwarring van allerlei verschillende plantennamen een einde te maken werkte de Zweedse geleerde Carl von Linné, beter bekend als Linnaeus (1707-1778), een systeem uit om elke plant een naam te geven die over de hele wereld door iedereen gebruikt kon worden. Omdat in de tijd van Linnaeus Latijn en Grieks de talen van de wetenschap waren, kregen de planten ook Latijnse en soms Griekse namen.

 

Het systeem werkt als volgt. Carl von Linné was de naam van Linnaeus. Carl is zijn voornaam en Von Linné zijn achternaam. Zijn broers hebben dezelfde achternaam maar een verschillende voornaam. Hetzelfde principe wordt gebruikt in de plantenwereld, alleen zetten we hier altijd de achternaam vóór de voornaam.

 

Neem als voorbeeld de fijnspar (kerstboom). Kwekers kennen deze boom als Picea abies. Zoals Jan en Johan tot het gezin Von Linné horen, zo horen Picea abies, Picea sitchensis en Picea orientalis tot het gezin Picea.

Een plantengezin noemen we een geslacht. De naam van een geslacht begint altijd met een hoofdletter. Een aantal geslachten die bij elkaar horen noemen we een familie. Familienamen eindigen altijd op ceae. In dit geval horen onder andere de geslachten Picea, Abies en Larix tot de familie van de Coniferaceae (Coniferen).

 

De meeste botanische plantennamen (= wetenschappelijke namen) hebben een betekenis. Hiervan kan men soms afleiden:

 

Als je die wetenschappelijke termen onthoudt, kun je vaak snel herkennen om welke plant of variëteit het gaat.

 

Wat betekenen de volgende wetenschappelijke termen?
Kijk op de site Enkele soortnamen/ variëteitsnamen met hun betekenis of Volkoomen.nl. Je krijgt een lijst van namen met de beginletters A t/m M. Onderaan de pagina kun je doorklikken naar de letters N-Z.
 
  • Alba
  • Folia
  • Baccatus
  • Communis
  • Aquifolium (als het goed is weet je al wat folium betekent)
  • Floribunda
  • Macrophylla
  • Minor
  • Pendulus
  • Vulgaris
Zoek nu voor iedere term uit bovenstaande lijst een plant op waarvan een gedeelte van de naam bestaat uit die term of een afgeleide daarvan.
Voorbeeld: als de term rubra (=rood) is kun je als plantennaam bijvoorbeeld Magnolia stellata 'Rubra' of Ribes rubrum noemen.

3. Opdracht: Schrijfwijze van planten

In de opdracht over de betekenis van wetenschappelijke namen heb je al kunnen lezen dat bij planten eerst de familienaam (Picea) wordt geschreven en daarna de soortnaam (orientalis). Daarnaast worden cultivars achter een plantennaam gezet. Ook staan er af en toe in de namen een x of een L.

 

Zoek de betekenis op van de volgende aanduidingen in plantennamen.
 
  • x
  • +
  • var.
  • cv
  • subsp.
Schrijf de volgende planten op de juiste manier op. Denk aan aanhalingstekens, hoofdletters en afkortingen.
 
  • quercus robur
  • taxus baccata (met als cultivar) fastigiata
  • pinus nigra (met als subspecies) laricio
  • cupressocyparis leylandii (is een kruising van twee geslachten)
  • callicarpa bodinieri (met als variëteit) giraldii

Zie voor meer informatie de volgende website:

4. Opdracht: Kenmerken van bladeren

Op een boomkwekerij heeft niet elke plant een etiket, dus je moet planten kunnen herkennen aan hun uiterlijk. Het herkennen van planten doe je door goed te kijken, te ruiken en te voelen. En door te leren wat de kenmerken van een plant zijn.

In deze opdracht kijken we naar de bladeren. Om een blad te herkennen kun je kijken naar:

 

 

Lees eerst het artikel 'Kenmerken van bladeren' door. Zoek buiten 3 takjes met bladeren.

Teken globaal de vorm van het blad na van elke tak. Laat hierin goed de volgende kenmerken zien:

 
  • de vorm van het blad;
  • de rand van de blad met het soort karteling;
  • de nerven.

Schrijf er bij of de bladeren verspreid, kruisgewijs tegenoverstaand of kransgewijs aan de stengel zitten.

 

Ook aan de geur van het blad kun je een plant soms herkennen. Als je stevig met je vingers over een blad wrijft en er dan aan ruikt, ontdek je bij enkele planten sterke geuren. een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld lavendel. Maar er zijn ook veel bladeren die minder lekker ruiken, als afweer tegen vraatzuchtige beestjes.

 

Zoek buiten een plant met blad dat een opvallende geur heeft. Maak een foto van het blad of teken het blad na en probeer de geur zo duidelijk mogelijk te omschrijven.

5. Opdracht: Determinatie van plantensoorten

Om te bepalen tot welke soort een plant behoort kun je internet gebruiken. Het determineren kan aan de hand van kenmerken of foto's.

 

Zoek buiten bladeren op van 10 loofbomen. Probeer de naam van de bomen te achterhalen aan de hand van hun kenmerken. Gebruik daarbij zo nodig de volgende websites:
 
Noem zo veel mogelijk kenmerken op waaraan je een plant in het algemeen kunt herkennen. Bijvoorbeeld bladvorm, bloemkleur enzovoort. Gebruik daarvoor onder andere de bladeren die je hebt verzameld. Denk ook aan de manier waarop de planten in de andere opdrachten werden herkend. Gebruik zo nodig ook deze website Over het herkennen van planten.

 

Cultuurvariëteiten zijn moeilijk te determineren omdat er zoveel verschillende zijn. Foto's van cultuurvariëteiten kun je onder andere vinden op de website Plantscope.

 

Zoek in Plantscope op hoeveel cultuurvariëteiten van Buxus sempervirens er in staan. Doe dit als volgt:
 
  • Klik op 'Gastgebruik'.
  • Zoek Buxus op.
  • Noteer het aantal verschillende cultuurvariëteiten.
  • Noteer minimaal 3 namen van cultuurvariëteiten.

6. Opdracht: Nieuwe benaming van gewassen

Plantennamen kunnen van tijd tot tijd veranderen. De kennis van het plantenrijk is nog altijd onvolledig. Nieuwe gegevens en inzichten (bijvoorbeeld uit DNA-onderzoek) hebben gevolgen voor de classificatie en de benamingen. Om de tien jaar wordt er gekeken naar de nieuwe opvattingen over namen, families en soorten. Daarop worden de namen aangepast. Meestal zijn nieuwe inzichten een duidelijke verbetering van de oude en worden ze zonder al te grote problemen geaccepteerd door de wetenschap en de praktijk.

 

Het komt echter ook regelmatig voor, dat twee of meer inzichten (met de bijbehorende naamgeving) even populair zijn. Dit betekent dat er een voorkeursnaam moet worden gekozen. Zoveel mogelijk worden in de naamlijst de niet gekozen namen tussen haakjes als synoniemen opgenomen. Deze namen zijn dus niet fout of ongeldig.

Zoek de nieuwe benaming op van de volgende gewassen in Naamswijziging bij houtige gewassen 2010.
 
  • Acer japonicum 'Itaya'

  • Clematis 'Olgae'
  • Hebe 'White Lady'
  • Hydrangea macrophylla 'Remu'
  • Kadsura japonica 'Variegata'
  • Prunus avium 'Gerema'
  • Prunus laurocerasus 'Genolier'
  • Pyrus communis ‘Pondspeer'
  • Rosa cinnamomea
  • Salix vitellina

7. Opdracht: kwekersrecht op plantennamen

Als een kweker nieuwe variëteiten van planten ontwikkelt kan hij ervoor kiezen hiervoor kwekersrecht aan te vragen.

Kwekersrecht of kwekersrechtelijke bescherming houdt in, dat een bepaalde cultivar wettelijk eigendom is van de kwekersrechthouder. Zonder diens toestemming mag in bepaalde landen of regio’s deze beschermde cultivar niet gekweekt worden. Als een andere kweker deze plant ook wil telen moet hij een licentie nemen. Hij betaalt dan een vergoeding aan de kweker die het kwekersrecht heeft.
Lees de teksten over kwekersrecht op:

Waar kan een Nederlandse kweker kwekersrecht aanvragen?
Noem twee redenen waarom een kweker kwekersrecht zou willen aanvragen.
Na hoeveel jaar houdt de bescherming door kwekersrecht op bij de meeste gewassen?

 

Op de vakbeurs Plantarium worden jaarlijks veel nieuwe variëteiten getoond. In de lijst met nieuwigheden meldt de beurs dan bijvoorbeeld:

Koelreuteria paniculata 'Coral Sun'
'Coral Sun' is een opgaande heester met groen blad en rode bladstelen. Het is een zaailing die gewonnen werd door Henny Kolster uit Boskoop. De plant is door hem in 2005 in de handel gebracht. 'Coral Sun' is kwekersrechtelijk beschermd. Deze heester is nu nog beperkt verkrijgbaar. Plantipp BV uit Vianen presenteert hem op Plantarium.

 

Wie heeft het kwekersrecht op de nieuwe heester Koelreuteria paniculata 'Coral Sun'?

8. Opdracht: Test je kennis

Weet je genoeg van het herkennen van boomkwekerijgewassen? Klik in het linkermenu op Webquiz en test jezelf. Als je antwoorden fout zijn, klik dan op Tip en zoek op de website tot je het goede antwoord hebt.

9. Opdracht: Wat heb je geleerd?

Welke kennis en vaardigheden heb je geleerd in bovenstaande opdrachten? Kruis aan en vul verder aan op je antwoordvel:

0 informatie zoeken op internet

0 rapporteren en presenteren

0 samenwerken

0 kritisch lezen

0 ....................................................

0 ....................................................